Welkom Gast

Welke factoren zijn van invloed

De lithiumspiegel wordt natuurlijk vooral bepaald door de hoeveelheid lithium die wordt ingenomen. Maar ook wanneer men trouw op de juist tijd de juiste hoeveelheid lithium inneemt kan de lithiumspiegel verstoord worden. Dit heeft twee belangrijke oorzaken:

  • Vocht en met name zout verlies
  • Verminderd functioneren van de nieren

Verre weg de belangrijkste veroorzaker van schommelingen in de lithiumspiegel zijn verstoringen van de vochtbalans van het lichaam. Het lichaam heeft allerlei mineralen (natrium, kalium enz.) nodig om goed te kunnen functioneren, maar ook daarbij geldt dat zowel te veel als te weinig niet goed is. En het zijn de nieren die ervoor zorgen dat het evenwicht bewaard blijft. Zij zorgen ervoor dat het te veel van een stof wordt uitgescheiden via de urine of dat er wat meer van een stof in het lichaam wordt vastgehouden. En dat geldt ook voor lithium.

Achteruitgang van de nierfunctie

Wanneer de nieren in de loop van het leven minder goed gaan functioneren zullen ze minder goed en snel overbodige stoffen gaan afvoeren. Dat geldt ook voor het afvoeren van lithium. Oudere mensen zullen daarom minder lithium nodig hebben om hun lithiumspiegel op het gewenste niveau te houden. Het afnemen van de nierfunctie is echter een geleidelijk proces en zal (met uitzondering van een plotselinge nierziekte) niet veel invloed hebben op schommelingen in de lithiumspiegel.

Vocht en zoutverlies

Lithium en natrium (zout) hebben een bijzondere relatie met elkaar. Wanneer het zoutgehalte in het lichaam afneemt, bijvoorbeeld door een zoutloos dieet, door diarree of zweten, probeert de nier dit zoutverlies tegen te gaan door minder ­lithium uit te scheiden. Dus alles wat ervoor zorgt dat we meer zout verliezen dan normaal kan ervoor zorgen dat de lithiumspiegel verhoogd wordt.

De volgende zaken kunnen daarom de spiegel beïnvloeden:

  • Koffie: koffie is vocht afdrijvend, meer koffie dan normaal zou een verhogend effect op lithium hebben.
  • Alcohol: ook alcohol is vocht en zout afdrijvend en kan de lithiumspiegel verhogen
  • Overmatig vochtverlies door transpireren – bijvoorbeeld bij intensief sporten, sauna, vakantie in een warm land, zware spierarbeid.
  • Gebruik van bepaalde andere medicatie, bijvoorbeeld plaspillen en pijnstillers
  • Diarree en braken – bijvoorbeeld bij buikgriep of voedselvergiftiging..
  • Extreem gewichtsverlies– bijvoorbeeld meer dan 2 kg per maand.
  • Zoutarm dieet – bijvoorbeeld bij maatregelen tegen waterzucht of hoge bloeddruk.
  • Eetlustverlies – tijdens een acute ziekte, hoge koorts, waardoor te weinig zout wordt binnengekregen

Wat kan je er aan doen? 

Veel drinken en vooral extra veel zout innemen door bijvoorbeeld het drinken van een paar koppen bouillon kan ervoor zorgen dat het zoutgehalte in het lichaam weer op peil komt en de nieren de lithium weer gaan afvoeren.Is het zoutverlies blijvend dan kan in overleg met de behandelaar besloten worden om de lithiumdosis te verlagen.

 

Tags: